De Rechteroever van de Saramaccarivier

Korte verhalen

Rond 1950 woonden langs de hele rechteroever van de Saramaccarivier nog mensen van verschillende afkomst, die allemaal hun eigen religie en gewoonten hadden. Creolen, Hindostanen en Javanen vormden de meerderheid. Het middel van bestaan was rijstbouw.
Het gebied lag geïsoleerd. Er was geen elektriciteit en geen stromend water. De mensen waren op elkaar aangewezen en hadden een hechte band. Men schoot elkaar te hulp als dat nodig was, bijvoorbeeld als de rivierdijk het had begeven of als de oogst was mislukt door teveel of juist te weinig regen, ziekten of ongedierte. Het was echter niet alleen kommer en kwel. Bij bijzondere gebeurtenissen, zoals geboorten en huwelijken, vierde men graag gezamenlijk feest.
Die oude samenlevingsvorm is definitief verdwenen. In dit boek wordt via korte verhalen iets van de ‘couleur locale’ van destijds opgeroepen, zodat men een idee krijgt van hoe het was.

Interviews

Panorama
MManten Taki
In the spotlight

Recensies

Amar K. Soekhlal in Sarnamihuis.nl

Een fascinerend boek, zeker door de negentien mooi vertelde verhalen. Het boek geeft een fraaie inkijk in een samenleving in een afgelegen dorp De Volharding in het district Saramacca in Suriname. (…) En dit levert hilarische maar ook tragische beschrijvingen op van de dagelijkse gang van zaken.

Michiel van Kempen, Caraïbisch Uitzicht

Met De rechteroever van de Saramaccarivier geeft Ganga eenvoudige schetsen van een bijna opgeloste wereld: veel van de mensen uit Beneden-Saramacca trokken weg en vestigden zich rond Paramaribo of vlogen door naar Nederland. Daarmee is het boekje bijna een stukje heemkunde geworden, een wandeltocht door een openluchtmuseum waarbij de bezoeker zich verwondert over de eenvoud van het leven vroeger en misschien zelfs een vorm van nostalgie ontwikkelt – als je althans niet goed kijkt naar de misère waarbinnen de mensen zich vroeger staande moesten zien te houden.

Parbode

Het boekje is in prettig Nederlands, met vlotte pen geschreven. Van alle Sranantongo- Sarnami- en Hindi-uitingen is er een vertaling in een voetnoot. Het is enerzijds niet pretentieus; het zijn meest eenvoudige, simpele gebeurtenissen die eenvoudige mensen zijn overkomen. Er zijn geen ingewikkelde plots bedacht, de lezer krijgt het geruststellende gevoel dat alles echt zo gebeurd is. Anderzijds wordt, zeker in de twee non-fictieverhalen, duidelijk dat Ganga goed gedocumenteerd aan deze klus is begonnen.